Fier staat hij met zijn handen op de rug naar het stromende water te kijken. Ik krijg hem in de gaten door de blauwe kleur schakeringen. Onbewust door zijn verschijning krijgt hij mijn sympathie. De vele kleuren blauw die hij draagt contrasteren met de groene omgeving. Op zijn hoofd de eeuwige alpinopet, een blauw geruite blouse met opgerolde mouwen, blauwe korte broek, blauwe riem, witte blote kuiten en om op te staan blauwe touwschoenen. Hier staat op en top bejaard Frankrijk. Frankrijk uit vervlogen tijden, het Frankrijk zoals ik dat kende.
Om hem heen spelen kinderen, hij lijkt er geen oog voor te hebben. Langzaam komt hij in beweging, afgeleid door de vele vaders die in het plan d’eau van Trebas in lange gebloemde zwembroeken in de rivier ploeteren en hun kinderen met veel geschreeuw het water in gooien.
Het is zondagmiddag. Na de met wijn weggespoelde lunch is er ruimte voor een pedagogisch kwaliteits uurtje. Moeders zitten zichtbaar opgelucht te genieten, doch ongerust te wachten op de eerste ruzies en huiltjes. Lang wachten is niet nodig. Het ruwe spel is al snel aanleiding. Het zijn haar troostende woorden en geborgenheid die haar kroost weer terug het water in  drijven naar een enthousiaste ‘barbaarse’ papa. Het veldje dat eerst bescheiden door toeristen  bezet was, wordt nu in genomen door Franse families. Jongeren, allen rokend en luisterend naar muziek, zitten tussen gezinnen en ouderen in volmaakte harmonie.
Wanneer ik omkijk is le Grande Bleu verdwenen. Zijn blauwe brommertje staat eenzaam onder een plantaan.
Als we weg rijden zie ik hem zitten op het terras van de plaatselijke cafe. Tussen zijn lippen steekt een Gitane mais en voor hem op tafel staat een water karaf en een glas pastis.
Met een glimlach steek ik een hand op. Au revoir