Het is kwart voor 6 ‘s avonds als ik op mijn fiets huiswaarts keer.  Ik heb een enorm drukke dag gehad, lichamelijk moe en mijn gedachten schieten alle kanten op. Ik kan niet stoppen met afsluiten en me aan het weekend overgeven. Toch ben ik eerder op gehouden om langs de slijter te gaan; mijn vriend Jacques, de Dionysos en leverancier van ’steun en toeverlaat’.

Ik moet een fles whisky  hebben als cadeau. Even voor sluitingstijd struin ik zijn zaak binnen en vraag aan een van zijn medewerkers om een vergelijkbare fles die ik laatst gekocht heb, waarvan ik weet dat ze deze fles niet meer hebben.  Dilemma voor de medewerker, ik zie hem kijken met een blik die getroebleerd is. Lekker duidelijk weer Haanappel.

Jacques komt hem redden en neemt me mee naar een raamloze ruimte. Deze kamer is gevuld met mooie ambrozijnen en ander kostelijk nat. Hij neemt de tijd voor me, laat me ruiken aan kleine flesjes, om de beleving te vergroten. Door zijn verhalen proef ik de sfeer van het moment.  Nu heb ik een probleem. Ik ben zo enthousiast door zijn bevlogenheid, dat ik niet weet welke fles ik moet pakken. De Ierse whiskey, de woestijn eau de vie of de Russische brandy. De klok gaat scherprechter zijn en rond half 7 kies ik voor een veilige variant, ik dien tenslotte rekening te houden met de gastheer ’s avonds.  Ik reken de Ierse af met een zucht.

Jacques kijkt me aan; “een stressvolle dag gehad?” Zijn handen verfraaien de verpakking met een krul. “Ja”, beaam ik met een tweede zucht.

“Ah, zo’n dag”

Nu ken ik hem al een aantal jaar, als regelmatige bezoeker, maar ik laat me toch iedere keer verrassen. Hij onthaast al jaren door oosterse wijsheden en gebruiken.

“Heb je gras thuis?”

Ik heb direct een verkeerde associatie en zie me zelf gras eten om tot rust te komen.

“Ja, maar ik heb liever een borrel zo meteen”

“Dat snap ik. Wat je doet als je thuis komt, is je schoenen uit trekken en dan ga je eerst een paar minuten met je blote voeten in het gras staan. Je moet aarden”

Ik kijk hem aan en aan zijn vriendelijke gezicht zie ik dat hij het meent. Iedere verkoper zou zeggen, dat ik naar huis moet gaan om een borrel te pakken.

Met een glimlach neem ik afscheid. Gek genoeg ben ik de waan van de dag kwijt, zijn woorden hebben me geraakt.

Thuis trek ik mijn schoenen uit en aard zolang de borrel in het glas zit.

Santé