Koters groeien op als tuig, tuig van de richel. Als ik in de spiegel kijk, zie ik ze alle drie grijzend naar me kijken.

M. glijdt langzaam af naar de kerkers van het puberdom. Haar emotionele ontboezemingen drijven uit het 12 jarige kinderlijf en zoeken zich een weg in een andere wereld dan die van mij.
“Ik moet daar uitblijven, ik ben een rotzak en ik snap er geen kloot van.” Het schelden is nog maar net begonnen. Ik sta haar beteuterd aan te kijken in mijn kortebroek met mijn lievelingsschort aan. Ik kook mee op haar schoolverlaterskamp en maak grapjes met mijn mede-ouders. Lachend en drinkend staan we boven de hete en stomende pannen met pollepels te zwaaien als mijn oudste de keuken binnen komt. “of ik niks anders te doen heb?”

Roos heeft beslist een reputatie hoog te houden waar het gaat om haar lerende en horende vaardigheden. Tenminste als ze ergens anders is.
Ik ben niet alleen haar coach op het hockeyveld, maar ook die van een heel team. Mijn meiden en ik spelen iedere zaterdag een behoorlijke pot waarin ik hun stuur, aanmoedig, troost en complimenteer. Afgelopen zaterdag had Roos genoeg van mijn aspiraties en deed precies het tegenovergestelde van wat ik zei. Riep ik haar de diepte in, ging zij naar binnen en zo ook met het naar voren en achteren gaan. Ze bleef maar praten.

Toop kijkt me aan en knikt alleen maar. “rustig he ouwe?!” Hij stapt op zijn fietsje en laat zijn school rugzak, jas en tekening voor me op het schoolplein liggen.

Mijn baas heeft gevraagd of ik volledig in Amsterdam kom werken.

Ik zie wel wat in die man die op zondag het vlees komt snijden……..