Ik zie je gisteren de trap afkomen. Wandelschoenen aan, blos op je wangen. Je haren verwaaid door de straffe wind. Je neuriet de laatste tonen mee, waarna je de muziek uitzet.

‘Hoi popje’

Als ik nog niet verliefder ben, na je verschijning uit het donker, is het wel na deze twee woorden.

 ‘Ik wil ooit naar Afrika, om iets te kunnen betekenen voor de mensen daar’, waren een van je eerste woorden, die bij mij een diepe indruk achter liet. Ik keek je aan en zag een soort bevlogenheid in je ogen, die groots was. De betekenis ervan kon ik toen nog niet inschatten. Goud geschoeid en met je prachtige verschijning zag ik je toen geen putten slaan, maar je blik verraadde anders.  Je zou wel putten kunnen slaan en zoveel anders om te helpen.

Je bevlogenheid zie ik dagelijks en je onvoorwaardelijke liefde completeren het geheel. 

Van het ‘all inclusive’ naar de rudimenten van het buiten zijn; twee flessen wijn een tree bier en een fles whisky, starend in de vlammen, verliefd zijn onder de sterren. Bij de grot porden we in het vuur en vertelden ons verhaal.

Na 5 jaar vertellen we nog steeds ons verhaal, ben je bevlogen en is onze liefde onvoorwaardelijk.  Van de danspasjes, het struinen door winkelstraten  en ‘the Walking dead’;  het nu je wandelschoenen, of je gouden sneakers zijn, ik geniet zo van de stappen die we gemaakt hebben.

 ‘Hoi popje’

Ik ben sprakeloos, kijk je aan en kan alleen maar samen met je oud worden.