Zondagmorgen, mijn biologische klok wekt me. Ik schuifel naar het raam en trek de luiken open.
Een grijze ochtend grijnst me genadeloos aan. Aan de binnenkant van mijn hoofd trekken de legers van nachtelijke legioenen zich samen. Een meter lager is het gevecht der giganten al los gebarsten, geroffel in mijn darmen, met veel lucht geschutter strijden hartige taart en rode wijn met bockbier en rijstevlaai om de eerste doorgang en borrelen lustig na.
Boven de heuvels drijven slierten dwaallichtjes,  indrukwekkend  en waterkoud. Ik vervloek mezelf zittend op de rand van het toilet.  Uitgerekend vandaag zou ik door de modder moeten vlammen, maar wanneer ik in aanraking zou komen met vuur,  zou ik een rennende molotovcocktail cocktail zijn.
In rust bereid ik me voor. Het huis is in stilte, allen zijn ver weg en zien de dag aan de binnenkant van hun oog luiken aan zich voorbij gaan. Geruststellende gedachte dat er nog verstandige mensen dit huis bevolken.
Op de fiets verbijt ik de snijdende wind die mij vanuit het noorden zuidwaarts duwt. ACDC  en de stevige tred van de pedalen zorgen voor de juiste stemming en langzaam ontwaak ik.
De inspanning is mijn warming-up, ben te laat van huis gegaan om nog een rondje rek & strek te doen.  Bij de plaatselijke voetbal vereniging kan ik mijn tenue in orde maken, bevestig de chip die mijn tijden registreert. In de kantine, ik kom al eeuwen niet meer in voetbalkantines, dreunen de boxen plaatselijke smartlappen en het bier schuimt rijkelijk blond.  De  spelersvrouwen zien er ook hoogblond uit.
Met mijn startnummer strak op mijn buik geprikt ren ik naar het vertrekpunt. Opeen gepakt is het wachten op het schot. De lucht is bezwangerd van tijgerbalsem, ik lever aardse gassen, maar het ontgaat me wat mijn mede renners er van vinden.
Na de eerste bocht verdwijnen we in een oplopend weiland.  Hier voel ik direct waar het in deze wedstrijd omgaat. Het gaat helemaal niet om de snelste te zijn, hier strijd je tegen jezelf. Deze 15.6 kilometer moet je doorbuffelen, verstand uitschakelen en de pijn verbijten.
Door de modder ren ik verder, ik registreer al helemaal niet meer welke muziek ik op mijn oren heb, ik voel alleen de cadans die me de heuvels over jaagt.

trappenpad.JPG
Bovenaan het trappenpad staat Paul me met zijn dochter Anne op te wachten. Een heerlijk moment van herkenning. De laatste meters loop ik in een pijnlijke roes, schakel alle emoties uit en al schetend kom ik na 1:23 over de meet.  Hartverwarmend word ik verwelkomd door Caat & Roos.

Buiten spelen kerels een potje, veel geschreeuw en getrek, weinig beweging.  In de voetbalkantine zitten hun  blondines achter het glas aan het bier.

Zomaar een actieve zondag in het heuvelland. Ik heb mijn geursporen achter gelaten en er een goed gevoel aan over gehouden.