September 2007


We krijgen slecht weer!

Tenminste als ik de kinderen moet geloven……..

De houtkachel naast me verspreid de warmte die ik er vanmiddag in heb gestopt. Zagen, kloven en stapelen. Uitgeput zit ik met mijn been omhoog op de bank. Ben blij dat de zomer voorbij is. Althans voor wat moest doorgaan voor een zomer. Ik maak me op voor gure dagen, geuren van rottend blad, lange wandelingen, dikke jassen en kaasfondue. Tijd voor bezinning. Ingetogen geluiden zweven als stofdeeltjes door de kamer.  De stilte brengt rust. Rust in mijn hoofd, rust in mijn lijf. Weemoed en rode kleuren van het vallend herfstblad.

De kinderen zijn druk, ze jojo-en om me heen, maken veel lawaai en ruzie. Het kost me ontzettend veel energie het driftend zooitje omgeregeld in te tomen. Heb het idee dat helse stormen het heuvelland gaan teisteren en langdurige regen de lucht laat vergrijzen. Wens van de gedachte, helaas komende week is het Indian Summer.

Afgelopen woensdag is het Mosae Forum feestelijk geopend. Heel feest minnend  en celebrity Maastricht was daarbij aanwezig. Onder het genot van een hapje, een drankje, een muziekje, een mooi stukje dans en drama werd Maastricht weer even op de menukaart gezet. Vriend Pieter, vanuit zijn functie en niet door zijn neus voor bourgondische verfijningen, moest de menigte een rondleiding geven in de gemeentelijke raadzaal.. In deze stad verstopt men graag het politieke in de spreekwoordelijke zoervleisjpot en alles wordt netjes gedekt en afgeserveerd. Hoog bezoek zou  de perfecte vermomming zijn en het kon ook niet anders of Prins Pils gaf acte de presence in het diepe zuiden.
Tijdens de rondleiding schiet Prins Pils vriend Pieter aan.
“Hey Pieke, is er niks anders te drinken dan maaswater?”
“Ha Piwi, nee. Het enige goede dat we hadden is verhuisd naar het westen en het witte wordt al lang niet meer gemaakt in Wijck”
“Mijn moeder had gelijk, ik had een borrel mee moeten nemen”
“Ik ritsel wel iets voor je zometeen, een lekker chateau Neuburg van vriend Bart”
” ik hou van deze cultuur”
” Zeg Pils, heb je geen zin om mee te gaan naar de Ardennen, weekendje brallen, kabouters drinken en rondleiding in de plaatselijke brouwerij, Oh ja we gaan ook nog biken met vriend Bram”
“lijkt me een geweldig nat idee, ik vraag vanavond direct toestemming aan Maxi”
” a votre Santé”
“Santjes!”

Gaat hij mee?

Wordt vervolgd….

Het is tien voor zes ’s middags als ik de poorten van de stort binnen rijd. “Wat ik eigenlijk kom doen” vraagt een grote besnorde debiel achter het glas.

“Storten!” zeg deze goochemerd. Oei had ik beter niet kunnen zeggen. In plat Maastrichts wordt er uiteindelijk naar de klok gewezen. Geen idee wat de stortdebiel bedoeld, maar ik kijk ook en zeg; “Tja het is zeven voor”.

Hij nog eens kijken op de klok en kijkt vervolgens in mijn auto. “Ja maar dat krijg jij er niet voor zes uur uit!”

“Echt wel”

“Echt niet” zegt de debiel, terwijl hij loensend naar de klok en vervolgens naar mijn auto kijkt.

“Wedden dat ik voor zes uur alles heb uit geladen, gesorteerd gedeponeerd, meneer de stortdebiel!”

Dat is even nadenken en ondertussen loopt de klok tegen zessen. Het milieupark is helemaal leeg. Hij neemt mijn weddenschap aan en zonder te betalen speer ik rond. Om zes uur precies zwaai ik naar snorremans die dan al weer verdiept zit in zijn sexboekje. De slagboom gaat open, ik wens de stortdebiel een fijne orgastische nacht, zal wel alleen zijn.

“Waar de regen ophoudt, schijnt de zon”

Toop is in een filosofische bui. Ik heb hem net van school gehaald en samen met Roos fietsen we door de regen terug.  Helemaal senang met zijn omgeving kijkt hij onder zijn helm naar me. Zijn ogen glinsteren. Hij heeft net een date geregeld met de gebrilde vamp van groep 3.  Blijkbaar is het heel wat om met haar af te spreken. In kleuterland worden nu al offers gebracht. Hij weet dat zijn twee vriendinnen geel en groen zien van jaloezie. Daar zal hij de komende weken wel niet mogen spelen. Zijn grijns van oor tot oor zegt me genoeg. Alsof hij verdraaid goed door heeft wat ik denk, roept hij

“Had ik gewoon zin in”

……zouden we vaker moeten doen!

hpim0029.jpg

In een overwinnings roes daalden we de berg af. Roos naast me in de auto in’t oranje, ik trots naast haar als winnende coach. Mijn meiden hebben het weer geflikt door van de witten van Maastricht te winnen. Een heerlijke dag en ik had tijd voor de verhalen van mijn vriend de slijter. Roos niet, die wilde haar verhaal kwijt, maar mijn vriend orakelde over ciders en speciale bieren. Op het moment dat ik de naam westvleteren noem bevriest zijn uitdrukking en het gesprek stokt. Behoedzaam loopt hij tussen zijn godendrank en ambrozijnen naar achteren en laat mij een flesje zien. “Ssst”, hij kijkt om zich heen, ik kijk met hem mee, maar we staan uit het zicht. “Zet hem rechtop weg en open hem met kerst, je mag hem hebben”.

In een dubbele roes rijden we terug en verlang intens naar de kerst

Voorovergebogen stump ik door, vast besloten om op tijd te komen. Nu eens een omgekeerde situatie. De zin “en wel op tijd komen!” galmt na en is onwerkelijk. Ik ben altijd op tijd, man van de klok en time management. Het verkeer raast langs me heen. Ondertussen ben ik al 4 keer gespot en heb ik 2 keer moeten zwaaien. Ondanks het ongemakkelijke gevoel is het de drang die me door laat fietsen. De enorme aantrekkingskracht die er van uit gaat laat me zweven boven de weg. Ik zie niets meer, ik hoor alleen het loeien van mijn MP3, maar registreer niets. Rotondes neem ik, ontwijk auto’s en haal medefietsers in. Allemaal met 1 doel.
Ik voel de natte kussen van het nieuwsblad nog kleven op mijn wangen, ik wil ze afvegen, afboenen. Ik wil geen kleffe armen om me heen en al helemaal geen verhalen van haar horen. Ik maak mijn eigen verhaal. echte verhalen. Van mij!
Geheel in gedachten trap ik door mijn trapper heen. Schiet uit mijn versnelling en voel geen tegenstand meer. Door de kracht die mijn benen ontwikkelen, schiet ik naar voren. Mijn ballen raken de stang en een ogenblik registreer ik alleen ongeloof. Een fractie van een seconde later voel ik een knetterende pijn die me mijn adem ontneemt. Voor een drukke bushalte zit ik op mijn knieen gehurkt mijn pijn te verbijten. De tranen rollen over mijn wangen. Ik ben zo boos.

Met de fiets aan mijn hand strompel ik de straat in. Ik ben te laat, ze is al weg

Later op de dag laat de fietsenboer me een droom zien, bestaan ze dan toch?
Koga-Miyata WORLDTRAVELLER

hpim0024.jpg“Doe je het?”

Mijn hormonen beginnen te borrelen als ik haar verzoek hoor. Ik herinner me de maand geleden in de regen nog. Ik droop af en was vast besloten om mijn eigen weg te gaan.  Ik stamel ja, wat kan ik anders, ik ben nog steeds in haar ban. Ik ben een kerel en laat me graag leiden. Rationele zaken worden terzijde geschoven en allemaal in dienst voor het uiteindelijke genot. Dierlijk gewoon!

“en wel op tijd komen!”

Hoezo moet IK op tijd komen, de vorige keer was zij degene die het liet afweten, stond ik te wachten met mijn  onopvallende rode tas. Ik slik mijn gedachtes in en ben nu alleen nog maar gericht op het op tijd komen. Driften drijven mij voorwaarts en sporen langs de school waar mijn kinderen op zitten. Instinktief buk ik me voorover en fiets door. Ik wil niet gezien en al helemaal niet herkend worden. Ik flits als een raborenner over het fietspad. Nog 5 kilometer.

“Hey Bram!”

Shit, gespot. Razend snel kraken mijn hersens en besluiten dat het beter is als ik afstap voor social talk en uitleg. Vooral uitleg geven over het vreemde tijdstip. “Moet je niet op je werk zitten?” en meer van die onzin. Ik knijp in mijn remmen en begroet het nieuwsblad van Maastricht. Kus kus jij ook hier, trallala. Als ik me uiteindelijk uit haar omhelzing en warme woorden heb geworsteld ben ik 10 minuten verder. Ik moet nog 5 kilometer

m-in-draf.JPGEen laatste avond voor haar elfde, samen muffins bakken. Vader en dochter. Nog even iets samen doen. Ik koester die momenten, ik ben bang dat het voorbij is voor ik er erg in heb. Meiden van 11 zijn  alweer zo wijs, op weg naar de puberteit en zo niet op ouders dan wel vaders gericht.  Diep in mijn hart geef ik ze groot gelijk. Vriendinnen zijn veel belangrijker. Wij ouders leven op een andere planeet,  in de beleving worden wij meer ET dan we zelf denken. Ik maar denken dat ik iets meer kan dan ‘phone home’ . Een behoorlijke zeepbel die ergens niet zo heel lang geleden gebarsten is. Bewust geworden dat rollen veranderen en dat ik mee moet groeien en vooral niet zal denken dat mij dat niet gaat overkomen. Puberteit heeft alles met existentialisme te maken. Op zoek naar je eigen vrijheid en het ontdekken naar het ’ik’. Ook zij zal haar eigen weg gaan zoeken om zich te vormen. Ik hoop daar een bescheiden rol in te mogen spelen. Op de achtergrond voor haar klaar staan, het vormen van een basis om op terug te vallen.

Meiden van 11 , komen in draf aan rennen en galoperen op de toppen van hun hormonen een veranderend leven in. Een onzekerheid vol hindernissen. Ik heb alle vertrouwen…………

……..gefeliciteerd!

hut_kaal1.jpgTrots staat ze voor me. Ze draait en lonkt naar complimenten. Haar haar gooit ze naar achteren en duwt haar borst naar voren. Haar spillebeentjes staan in zwarte laarzen gestoken. Als een echte vamp.  Ik zet de electrische heggeschaar uit en belijk haar. Mijn dochter van bijna 11 wil de goedkeuring van haar pa hebben. Ze is oogverblindend mooi en helemaal in het nieuw gestoken. Ik zeg dat ze er fantastisch uitziet. Ze kijkt me aan.  Door het harde werken in de tuin zit ik vol zwarte vegen en het zweet parrelt over mijn lijf. “Getver pap, jij bent smerig en je zweet!”

Zweet, het zal wel iets mannelijks wezen, maar ik vind zweet heerlijk. Er zijn natuurlijk momenten dat ik ook liever heb dat al mijn porien dicht gesmeerd zijn, maar over het algemeen zweet ik graag.  Zweten tijdens en na inspanning. Het sublieme gevoel van dat ene druppeltje dat van mijn rug via mijn bilspleet mijn broekspijpen in rolt. Zweten in de sauna wanneer ik mijn gedachten tot nul laat reduceren en de indrukken van mijn omgeving laat vervagen. Een zwetend lichaam is voor mij het zelfde als een mond kussen na het eten van een ijsje.

De tuin wordt herfst en winter klaar gemaakt. De heg, zo vonden onze buren, moest worden getopt om zo nog de laatste lage zonnestralen binnen te krijgen. Tijdens het scheren van de heg maak ik mijn plan en verzin mijn zweethut voor in de winter. Ik zie het helemaal zitten om zwetend de winter door te komen. Als ik om kijk naar M.  met haar nieuwe outfit, haar afkeurende blik, denk ik dat het een eenzame zal worden.

Fier staat hij met zijn handen op de rug naar het stromende water te kijken. Ik krijg hem in de gaten door de blauwe kleur schakeringen. Onbewust door zijn verschijning krijgt hij mijn sympathie. De vele kleuren blauw die hij draagt contrasteren met de groene omgeving. Op zijn hoofd de eeuwige alpinopet, een blauw geruite blouse met opgerolde mouwen, blauwe korte broek, blauwe riem, witte blote kuiten en om op te staan blauwe touwschoenen. Hier staat op en top bejaard Frankrijk. Frankrijk uit vervlogen tijden, het Frankrijk zoals ik dat kende.
Om hem heen spelen kinderen, hij lijkt er geen oog voor te hebben. Langzaam komt hij in beweging, afgeleid door de vele vaders die in het plan d’eau van Trebas in lange gebloemde zwembroeken in de rivier ploeteren en hun kinderen met veel geschreeuw het water in gooien.
Het is zondagmiddag. Na de met wijn weggespoelde lunch is er ruimte voor een pedagogisch kwaliteits uurtje. Moeders zitten zichtbaar opgelucht te genieten, doch ongerust te wachten op de eerste ruzies en huiltjes. Lang wachten is niet nodig. Het ruwe spel is al snel aanleiding. Het zijn haar troostende woorden en geborgenheid die haar kroost weer terug het water in  drijven naar een enthousiaste ‘barbaarse’ papa. Het veldje dat eerst bescheiden door toeristen  bezet was, wordt nu in genomen door Franse families. Jongeren, allen rokend en luisterend naar muziek, zitten tussen gezinnen en ouderen in volmaakte harmonie.
Wanneer ik omkijk is le Grande Bleu verdwenen. Zijn blauwe brommertje staat eenzaam onder een plantaan.
Als we weg rijden zie ik hem zitten op het terras van de plaatselijke cafe. Tussen zijn lippen steekt een Gitane mais en voor hem op tafel staat een water karaf en een glas pastis.
Met een glimlach steek ik een hand op. Au revoir

Next Page »